Nederpop in het engels?

december 27, 2013
Opgeslagen in Diversen | Geef een reaktie

Gijsbert Kramer schrijft Daryll-Ann in het V-katern van de Volkskrant van vrijdag 13 december 2013 naar de hogere regionen van de nederpop. Hij vindt de groep van zoveel artistiek talent getuigen, dat die meer aandacht zou verdienen dan nu het geval is. Mij verbaast het niet, dat D-A niet zo’n populaire band is geworden en nog niet is.

Wat is ‘nederpop’ eigenlijk?
Deze muzikanten maken geen nederpop; ze bezigen engelse teksten, die ik met mijn, dacht ik, stevige kennis van het engels toch maar half begrijp, en zingen die op inderdaad ver ontwikkelde muzikale arrangementen in doorgewinterde samenzang, waar hard op is geoefend. Tot op een hoog nivo kunstig in elkaar gezet. Het klinkt alsof de band zich dichter bij de betere engelse popscene waant dan Bløf, de Scene, Marco Borsato, van Dik Hout, Eefje de Visser, Roos Blufpand, Roosbeef en anderen.
Het lukt D-A tot nu toe kennelijk niet voldoende kontakt te leggen met nederlandsminnend publiek. Om deze band te kunnen waarderen moet iemand hun poëzie bijna net zo goed kunnen volgen als de nederlander Bløf kan volgen zonder engelse kennis. Wat ook niet altijd meevalt met die soms hermetische teksten, maar de magie ervan blijft in ieder geval binnen onze moedertaal.
Een minderheid zal D-A willen volgen, en enthousiast ook, want een vergelijkbare kwaliteit uit het echte Engeland komt veel minder vaak hier langs en is dan meestal (nog) duurder. Bij die volgelingen zou Gijs Kramer ook best eens kunnen horen…

De nederboot gemist

Daryll-Ann is niet de enige groep die de nederboot telkens mist. Nog niet eerder heb ik zulke aantallen “Singer/Songwriters” als paddestoelen uit de grond zien schieten als de laatste paar jaren. Conservatoriums willen overleven, grijpen hun kans in de heersende opvattingen over cultuur en ruimen stevig plek in voor deze groep muzikanten in wording.
Soms ruimen ze zelfs eerst de klassieke afdeling maar helemaal daarvoor op, zoals in het Conservatorium van Enschede, dat onder ArtEZ valt. Ik kom er nu anderhalf jaar wekelijks een paar uur in de avond voor de cursus van Peter Laport en maak zo zelf geregeld mee hoe het gedreun van de soms krankzinnig doorgeschoten geluidsversterking ons klaslokaal doet trillen.
Vorige week zag ik op de muur een lijst met de namen van de studenten van wat nu de popacademie heet. Geteld heb ik ze maar niet; heel erg veel waren het er en de helft staat onder Singer/Songwriter. Van hen weet ik alleen zeker, dat Roos Blufpand haar eigen taal gebruikt; er zullen er een paar meer zijn, wie het weet mag het zeggen, maar de overgrote meerderheid zal engels willen, vast van plan daarmee de wereld te veroveren, en om de een of andere mysterieuze reden moet dat bovendien op een oorverdovend volume. Misschien wel om gebrek aan tekstuele diepgang te overstemmen; niemand, zelfs de bandleden zelf, vindt de tekst er kennelijk toe doen. Die hoeft niet gehoord en kan ook niet ontcijferd worden in de geluidsstorm.
Welke band valt er nog op in dat woud van taalemigranten? Zelfs Daryll-Ann niet, Gijsbert Kramer stelt het terecht vast.
Gek genoeg heeft geen van die muziekstudenten zich kennelijk ingeschreven in Londen, of Liverpool.
Zo vaak heb ik gevraagd aan een singer/songwriter waarom het in het engels moest.
Vrijwel altijd was het antwoord: in het nederlands klinkt het niet.
Ik denk, dat de impact van de eigen taal zo groot is, dat de waarde van de tekst onmiddellijk in alle hevigheid doordringt, net als dat voor een engelsman zo is met een engels publiek. Je hoort meteen hoe goed of slecht de tekst is, dus hoe goed of slecht het nummer.
Die singer/songwriters hullen zich dan maar liever in een taal, die niet de hunne is, want dan komt er in ieder geval één waarheid niet zo hard aan: die van de tekst.

Kommentaar

Reageer

Voor een reaktie: vul het formulier hieronder in.

Je moet ingelogd zijn om te kunnen reageren.

Recent


Rubrieken


Archief


WerkveldWebsites